Resultaat op trefwoord : 'katheterablatie'


Aantal resultaten : 1 artikel(s) - 4 bondige bespreking(en) - 0 Synthese(s)


Deze methodologisch correct uitgevoerde multicenter open-label gerandomiseerde gecontroleerde studie toont aan dat bij patiënten die een katheterablatie ondergingen wegens voorkamerfibrillatie en daarnaast lijden aan overgewicht (BMI >27) en minstens één cardiometabole risicofactor, een uitgebreid programma voor risicobeheersing leidt tot een statistisch significante daling van recidief voorkamerfibrillatie na 12 maanden. Deze resultaten benadrukken dat, naast de katheterbehandeling, het aanpakken van levensstijlgerelateerde risicofactoren essentieel is om een sinusritme op lange termijn te bekomen.

Deze systematische review met meta-analyse gebaseerd op open-label gerandomiseerde studies met methodologische beperkingen toont dat katheterablatie als initiële behandeling voor paroxismale voorkamerfibrillatie, in vergelijking met antiaritmica, geassocieerd is met een reductie van recidief voorkameraritmieën en ziekenhuisopnames, zonder verschil op het vlak van majeure ongewenste effecten. Verder onderzoek is nodig.

Deze gerandomiseerde gecontroleerde studie met enkele methodologische beperkingen en niet eenvoudig te interpreteren, toont bij patiënten met symptomatische voorkamerfibrillatie een statistisch significant, maar klinisch niet relevant voordeel van katheterablatie versus medicamenteuze behandeling op het gebied van levenskwaliteit.

Deze open-label RCT met methodologische tekortkomingen en die niet onafhankelijk is uitgevoerd, toont een voordeel van katheterablatie versus medicamenteuze behandeling voor patiënten met hartfalen en voorkamerfibrillatie (resistent voor een antiaritmische behandeling met medicatie) op vlak van (vooral cardiovasculair) overlijden en vermijden van hospitalisatie voor hartfalen.

In deze studie van goede methodologische kwaliteit is radiofrequentieablatie effectiever dan antiaritmica als initiële behandeling van paroxismale voorkamerfibrillatie. Dat effect is echter bescheiden (meer dan de helft van de patiënten in de ablatiegroep had een recidief) en gaat gepaard met een verhoogd risico van potentieel ernstige ongewenste effecten.